| LES 6 |
| 1 Perfectum (→ gramm. 1-3) |
| perf. van vocare | Oefen met de uitgangen van de nieuwe tijd: maak het rijtje van het perfectum van vocare compleet. |
| vormen van audire | Het is heel belangrijk om praesensvormen van perfectumvormen te kunnen onderscheiden, en beide goed te vertalen. Oefen met vormen van audire. |
| esse/posse | Esse en posse ... Het blijven lastige woorden. Match de juiste betekenis met een aantal vormen van deze werkwoorden. |
| lastige vormen | De uitgang -it zorgt nog al eens voor verwarring: is het nu praesens of perfectum? Meestal kom je erachter door goed naar de stam te kijken. Oefen met een paar lastige vormen in deze match-oefening. |
| 3 Woorden tekst 6.A |
| woorden 6.A | Flitskaartoefening om je te helpen bij het leren van de woorden. Je begint met de volledige lijst; telkens als je een woord echt kent, verwijder je die uit de lijst, zodat je alleen woorden overhoudt die je nog echt goed moet leren. |
| 4 Perfectum en imperfectum (→ gramm. 4) |
| impf. terrere impf. ducere |
Oefen met de uitgangen van het imperfectum in de rijtjes van terrere of ducere. |
| esse en posse | Een multiple-choice oefening waarin je de juiste betekenis van steeds 6 vormen van esse en posse moet kiezen. Als je een set vormen af hebt, kun je op F5 drukken om een nieuwe set te krijgen. |
| 6 Woorden tekst 6.B |
| woorden 6.B | Flitskaartoefening om je te helpen bij het leren van de woorden. Je begint met de volledige lijst; telkens als je een woord echt kent, verwijder je die uit de lijst, zodat je alleen woorden overhoudt die je nog echt goed moet leren. |